muziek instrumenten

De roda wordt begeleid door muziek. De berimbau is het belangrijkste instrument. Daarna komen de atabaque (een hoge trommel), pandeiro (tamboerijn) en agôgô (dubbele koepel). Vervolgens klapt de groep mee in het ritme en begint het lied.

 

 

De berimbau bestaat uit een stok met een snaar en kalebas. De snaar, meestal een ijzerdraad uit een oude autobuitenband, wordt bespeeld met een dun stokje en een steentje. De toonhoogte wordt gevarieerd door het steentje tegen de snaar te drukken. De leider van de groep dirigeert hiermee de andere instrumenten en het spel van de capoeristas. Hij begint met spelen.

Daarna komen de atabaque (een hoge trommel), pandeiro (tamboerijn) en agôgô (dubbele koepel). Vervolgens klapt de groep mee in het ritme en begint het lied.

Twee capoeristas nemen plaats in de roda en het spel kan beginnen. Tijdens de roda geeft de muziek aan hoe het spel wordt gespeeld: langzaam, bedachtzaam en strategisch (Benguela) of snel en acrobatisch (São Bento).

 

Hoe maak je een Berimbau? Zie: Mestranda Lima's Berimbau workshop